Opel Astra: Verlichtingsfuncties - Verlichting - Opel Astra - InstructieboekjeOpel Astra: Verlichtingsfuncties

Verlichting middenconsole

De spot in de interieurverlichting gaat aan wanneer de koplampen worden ingeschakeld.

Instapverlichting

Welkomstverlichting De volgende verlichting wordt korte tijd ingeschakeld door de auto te ontgrendelen met de handzender:

Sommige functies werken alleen als het buiten donker is om de auto gemakkelijker te kunnen vinden.

De verlichting wordt meteen uitgeschakeld zodra het contactslot wordt ingeschakeld. Deze functie kan worden geactiveerd of gedeactiveerd in de Persoonlijke instellingen.

Selecteer de betreffende instelling in Instellingen, Voertuig op het Info- Display.

U kunt de instellingen opslaan voor de gebruikte sleutel .

De volgende verlichting gaat ook branden wanneer u het bestuurdersportier opent:

Uitstapverlichting

De volgende verlichting gaat branden wanneer u de sleutel uit het contactslot haalt:

Worden automatisch uitgeschakeld na een vertraging. Deze functie werkt alleen wanneer het donker is. De interieurverlichting wordt geactiveerd wanneer u in deze periode het bestuurdersportier opent.

Padverlichting

De koplampen, achterlichten en kentekenverlichting blijven een instelbare tijd branden wanneer u de auto verlaat.

Inschakelen

Verlichting

1. Schakel de ontsteking uit.

2. De contactsleutel verwijderen.

3. Open het bestuurdersportier.

4. Richtingaanwijzerhendel naar u toe trekken.

5. Sluit het bestuurdersportier.

Wordt het bestuurdersportier niet gesloten, dan gaat de verlichting na twee minuten uit.

De uitstapverlichting wordt meteen uitgeschakeld als u de richtingaanwijzerhendel naar u toe trekt, terwijl het bestuurdersportier geopend is.

Deze functie kan worden geactiveerd of gedeactiveerd in de Persoonlijke instellingen.

Selecteer de betreffende instelling in Instellingen, Voertuig op het Info- Display.

U kunt de instellingen opslaan voor de gebruikte sleutel.

Ontlaadbeveiliging accu

Oplaadfunctie afgestemd op accu

Deze functie garandeert een maximale levensduur van de accu door een regelbaar vermogen en een optimale vermogensverdeling van de dynamo.

Om te voorkomen dat de accu onder het rijden leegraakt, worden de volgende systemen automatisch in twee fasen afgebouwd en ten slotte uitgeschakeld:

In de tweede fase ziet u op het Driver Information Center een bericht dat de activering van de ontlaadbeveiliging van de accu bevestigt.

Uitschakeling van de verlichting

Om te voorkomen dat de accu leegraakt terwijl de ontsteking is uitgeschakeld, wordt de binnenverlichting na enige tijd automatisch uitgeschakeld.

Zie ook:

Toyota Auris. Meters en tellers
Instrumentenpaneel met 3 meters Instrumentenpaneel met 2 meters Toerenteller Geeft het motortoerental aan in omwentelingen per minuut. Snelheidsmeter Geeft de rijsnelheid aan. Bui ...

Citroen C4. Vergrendelen van de auto
Normale vergrendeling Druk, terwijl de elektronische sleutel zich binnen de detectiezone A bevindt, met een van uw vingers op een van de portiergrepen (bij de merktekens). Als u de kn ...

Modellen: