Toyota Auris: Overzicht waarschuwingslampjes en waarschuwingszoemers - Als een waarschuwingslampje
gaat branden
of een waarschuwingszoemer
klinkt - Stappen die genomen
moeten worden in
noodgevallen - Bij problemen - Toyota Auris - InstructieboekjeToyota Auris: Overzicht waarschuwingslampjes en waarschuwingszoemers

Waarschuwingslampje

Waarschuwingslampje/details/handelingen

Waarschuwingslampje (waarschuwingszoemer) remsysteem*1

Geeft het volgende aan:

  • Het remvloeistofniveau is te laag; of
  • Er zit een storing in het remsysteem.

    Dit lampje gaat ook branden als de parkeerrem niet gedeactiveerd is. Als het lampje uitgaat nadat de parkeerrem gedeactiveerd is, werkt het systeem normaal.

→ Breng de auto onmiddellijk op een veilige plaats tot stilstand en neem contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/ reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige. Doorrijden met de auto kan gevaarlijk zijn.

Laadstroomcontrolelampje

Geeft aan dat er een storing aanwezig is in het laadsysteem van de auto

→ Breng de auto onmiddellijk op een veilige plaats tot stilstand en neem contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/ reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.

Waarschuwingslampje lage oliedruk

Geeft aan dat de motoroliedruk te laag is.

→ Breng de auto onmiddellijk op een veilige plaats tot stilstand en neem contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/ reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.

Waarschuwingslampje hoge koelvloeistoftemperatuur

Geeft aan dat de motor oververhit raakt.

→ Breng de auto onmiddellijk op een veilige plaats tot stilstand en neem contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/ reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.

Motorcontrolelampje

Geeft aan dat er een storing is in:

  • Het elektronische motorregelsysteem;
  • De elektronische smoorklepregeling; of
  • Het elektronische regelsysteem Multidrive CVT (indien aanwezig)

→ Laat uw auto direct controleren door een erkende Toyotadealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.

Waarschuwingslampje SRS

Geeft aan dat er een storing is in:

  •  Het SRS-airbagsysteem; of
  •  Het gordelspannersysteem

→ Laat uw auto direct controleren door een erkende Toyotadealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.

Waarschuwingslampje ABS

Geeft aan dat er een storing is in:

  • Het ABS; of
  • Het Brake Assist-systeem

→ Laat uw auto direct controleren door een erkende Toyotadealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.

Waarschuwingslampje (waarschuwingszoemer) elektrische stuurbekrachtiging

Geeft aan dat er een storing is in de elektrische stuurbekrachtiging (EPS)

→ Laat uw auto direct controleren door een erkende Toyotadealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.

Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen Controlelampje cruise control

Geeft aan dat er een storing aanwezig is in het cruise controlsysteem.

→ Laat uw auto direct controleren door een erkende Toyotadealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.

Controlelampje snelheidsbegrenzer

Geeft aan dat er een storing aanwezig is in het snelheidsbegrenzersysteem.

→ Laat uw auto direct controleren door een erkende Toyotadealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.

Controlelampje Traction Control

Geeft aan dat er een storing is in:

  • De VSC (Vehicle Stability Control);
  • De TRC (Traction Control); of
  • De Hill Start Assist Control

Het lampje gaat knipperen wanneer de VSC of TRC in werking is.

→ Laat uw auto direct controleren door een erkende Toyotadealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.

Waarschuwingslampje PCS

Wanneer het waarschuwingslampje knippert (en een zoemer klinkt): Geeft aan dat er een storing aanwezig is in het PCS (Pre- Crash Safety-systeem)

→ Laat uw auto direct controleren door een erkende Toyotadealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.

Wanneer het waarschuwingslampje brandt: Geeft aan dat het PCS (Pre-Crash Safety-systeem) tijdelijk niet beschikbaar is, mogelijk als gevolg van een van de onderstaande zaken:

  • Het deel van de voorruit rondom de sensor voor is vuil, beslagen of bedekt door condens, ijs, stickers, e.d.

→ Verwijder het vuil, de condens, het ijs, de stickers, e.d.

  • De temperatuur van de sensor voor ligt buiten het werkingsbereik

→ Wacht een tijdje totdat het gebied rondom de sensor voor voldoende is afgekoeld.

Het VSC (Vehicle Stability Control-systeem) of het PCS (Pre- Crash Safety-systeem) is uitgeschakeld of beide systemen zijn uitgeschakeld.

→ Schakel zowel het VSC-systeem als het PCS in om het PCS in te schakelen.

Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen Controlelampje uitgeschakeld Stop & Start-systeem

Geeft aan dat er een storing aanwezig is in het Stop & Start-systeem (Het controlelampje uitgeschakeld Stop & Start-systeem gaat branden wanneer het systeem wordt uitgeschakeld)

→ Laat uw auto direct controleren door een erkende Toyotadealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.

Waarschuwingslampje brandstoffilter

Geeft aan dat er te veel water is verzameld in het brandstoffilter.

Waarschuwingslampje laag motoroliepeil

Geeft aan dat het motoroliepeil laag is, maar duidt niet op een storing.

→ Controleer het oliepeil en vul indien nodig olie bij.

Waarschuwingslampje motorolie verversen

Wanneer het lampje knippert: Geeft aan dat de motorolie moet worden ververst.

(Als het indicatiesysteem voor het verversen van de motorolie niet is gereset, zal het controlelampje niet goed werken.)

→ Controleer de motorolie en ververs indien nodig. Na het verversen van de motorolie moet het verversingssysteem worden gereset.

Als het lampje gaat branden: Geeft aan dat de motorolie moet worden ververst.

Na het verversen van de motorolie en het resetten van het indicatiesysteem motorolie verversen.

→ Laat de motorolie en het oliefilter door een erkende Toyotadealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige controleren en vervangen. Na het verversen van de motorolie moet het verversingssysteem worden gereset.

Waarschuwingslampje roetfiltersysteem
  • Geeft aan dat het roetfilter gereinigd moet worden vanwege het herhaaldelijk rijden van korte afstanden en/of het rijden met lage snelheden.
  • Geeft aan dat de hoeveelheid afzettingen in het roetfilter een bepaalde drempel overschreden heeft.

→ Om het roetfilter te reinigen moet er gedurende 20 - 30 minuten met de auto gereden worden met een snelheid van 65 km/h of hoger totdat het waarschuwingslampje van het roetfiltersysteem uitgaat*2.

Zet de motor zo min mogelijk uit totdat het waarschuwingslampje van het roetfiltersysteem uitgaat.

Als het niet mogelijk is te rijden met een snelheid van 65 km/h of hoger, of als het waarschuwingslampje van het roetfiltersysteem niet uitgaat ook al is er langer dan 30 minuten met de auto gereden, laat dan uw auto controleren door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.

Waarschuwingslampje (waarschuwingszoemer) open portier/ achterklep*3

Geeft aan dat een van de portieren of de achterklep niet geheel gesloten is

→ Controleer of alle portieren en de achterklep gesloten zijn.

Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen Controlelampje Smart entry-systeem met startknop

Geeft aan dat er een storing aanwezig is in het Smart entrysysteem met startknop.

→ Laat uw auto direct controleren door een erkende Toyotadealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.

Waarschuwingslampje laag brandstofniveau

Instrumentenpaneel met 3 meters: Geeft aan dat de resterende hoeveelheid brandstof ongeveer 7,5 liter of minder is Instrumentenpaneel met 2 meters:

  • Benzinemotor: Geeft aan dat de resterende hoeveelheid brandstof ongeveer 7,5 l of minder is
  • Dieselmotor: Geeft aan dat de resterende hoeveelheid brandstof ongeveer 8,3 l of minder is

→ Vul de brandstoftank.

Controlelampje (waarschuwingszoemer) bestuurders- en voorpassagiersgordel*4

Waarschuwt de bestuurder en/of voorpassagier dat de veiligheidsgordel vastgemaakt dient te worden.

→ Doe de veiligheidsgordel om.

Als er iemand op de voorpassagiersstoel zit, moet ook de veiligheidsgordel voor de voorpassagier worden vastgemaakt, zodat het waarschuwingslampje (de waarschuwingszoemer) uitgaat.

Controlelampjes (waarschuwingszoemer) veiligheidsgordel achterpassagiers*4

Waarschuwt de achterpassagiers om de veiligheidsgordel om te doen.

→ Doe de veiligheidsgordel om.

Waarschuwingslampje lage bandenspanning

Als het lampje gaat branden: Lage bandenspanning, bijvoorbeeld door

  • Natuurlijke oorzaken
  • Lekke band

→ Breng de banden op de juiste spanning.

Na een paar minuten dooft het lampje. Laat het systeem nakijken door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige indien het lampje niet dooft nadat de banden op spanning zijn gebracht.

Als het lampje gaat branden nadat het gedurende 1 minuut geknipperd heeft: Storing in het bandenspanningswaarschuwingssysteem

→ Laat het systeem controleren door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.

Centraal waarschuwingslampje

Een zoemer klinkt en het waarschuwingslampje gaat branden en knippert om aan te geven dat het centrale waarschuwingssysteem een storing heeft gesignaleerd.

*1: Waarschuwingszoemer geactiveerde parkeerrem: Er klinkt een zoemer om aan te geven dat de parkeerrem nog niet is gedeactiveerd (als de auto een snelheid van 5 km/h heeft bereikt).
*2: Het waarschuwingslampje van het roetfiltersysteem kan blijven branden als het waarschuwingslampje motorolie verversen brandt. Laat in dit geval uw auto controleren door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
*3: Waarschuwingszoemer open portier/achterklep: Er klinkt een zoemer als de rijsnelheid hoger wordt dan 5 km/h terwijl een portier is geopend.
*4: Waarschuwingszoemer veiligheidsgordel bestuurder en voorpassagier: De waarschuwingszoemer voor de veiligheidsgordels herinnert de bestuurder en de passagiers eraan de veiligheidsgordel om te doen. De zoemer klinkt gedurende 30 seconden nadat de auto een snelheid van ten minste 20 km/h heeft bereikt. Als de veiligheidsgordel daarna nog niet is vastgemaakt, laat de zoemer gedurende 90 seconden een ander geluid horen.

Zie ook:

Peugeot 308. Gevarendriehoek (opbergen)
Deze veiligheidsuitrusting vormt een aanvulling op de alarmknipperlichten. Elke auto moet zijn voorzien van een gevarendriehoek. De opbergplaats voor een opgevouwen gevarendriehoek, al dan nie ...

Peugeot 308. Controles
Raadpleeg, tenzij anders aangegeven, het onderhoudsschema van de fabrikant dat betrekking heeft op de motoruitvoering van uw auto voor het controleren van bepaalde onderdelen. Laat de controles e ...

Modellen: